Ik vind parels, overal. Pak ze op en bekijk ze van alle kanten. Doop ze in een beetje inkt.
René schrijft verhalen, columns en gedichten

Vrije gift


De troubadour komt weer naar de stad. Hij vraagt voor na afloop om een vrije gift, net als vorig jaar. Ik pak mijn columnbundel in en klim op de pedalen. Merk dat ik het toch wat spannend vind, hem vanavond mijn boek te schenken.

Ik ga weer op de eerste rij zitten. Dit jaar zijn er meer mensen die dit durven. Gery Groot Zwaaftink pielt met het geluid. Geconcentreerd. Ik kijk naar de plastic zak die naast me ligt.

Hij schudt me de hand. Ik voel me als een jeugdige groupie die een knuffelbeest in zijn tas verstopt heeft. Denk aan de eerste cd van Alex Roeka: Zee van onrust. Ja, zo voel ik me. Hoe kan dat toch, ben toch een volwassen kerel?

Tijdens zijn liedjes en verhalen droom ik een aantal keren weg. Ik weet dat ik hem in de pauze zal spreken. Alsof dat al vast staat. Sinds zijn coachende woorden van twaalf maanden geleden, is er veel gebeurd. De grote trofee, mijn boek, zal ik nog even achter de gordijnen houden.

'Ik heb woord gehouden. Mocht eind vorig jaar twee keer optreden. Had nogal wat uitvaarten. Ik schreef in memoriams en las ze voor tijdens de mis. Als je je kunt laten raken, kun je ook anderen raken'.

Het 'nogal wat uitvaarten' komt er onbenulliger uit dan ik bedoelde.

'Oei'.

'En ik heb vier reportages mogen verzorgen voor Het Zoet'.

'En de gitaar?'

Ik denk terug aan de enige middag van het afgelopen jaar waarin ik akkoorden heb geoefend met een goede vriend. Kijk naar een diepe kloof in mijn duim die maar niet lijkt te helen. Zie gehavende handen voor me na maanden van geduldig tokkelen.

Gery hangt zijn gitaar om en begint te spelen.

'Drie akkoorden'.

Hij vertelt hoe geweldig zijn lagere school was. Hoe moeizaam de middelbare. Dat hij zo'n dromer was. Alsof ik mijn eigen verhaal hoor, het staat zelfs in mijn rapport van de tweede klas. Het is zijn inleiding voor het lied 'Buitenbeentje'. Volgens Gery zijn we allemaal buitenbeentjes. Ik kan het maar moeilijk geloven. Toch geeft het troost.

Als de collectezakken rondgaan, overhandig ik hem mijn pakje. Hij maakt het open en begint in mijn boek te bladeren.

'Hier kan je toch mooi uit voordragen?'

Terwijl ik mijn bundel signeer, zie ik hoe een bejaarde vrouw de troubadour een hand geeft.

'Precies wat ik nodig had'.

De organisatie komt naar me toe en vraagt of ik net als vorig jaar weer een stukje kan schrijven.

Ik zeg haar dat ik niet weet of dat gaat lukken.






05-02-2017