Ik vind parels, overal. Pak ze op en bekijk ze van alle kanten. Doop ze in een beetje inkt.
René schrijft verhalen, columns en gedichten

Nachtwacht


Gamil zit met zijn eerste Nederlandse vulling bij me achterop. Op weg naar zijn huis benoem ik alles: 'Struik, linksaf, lantaarnpaal, sloot, man met twee honden, rotonde, parkeerplaats, rechtdoor'. Gedreven zegt hij krachtig alle woorden na.

Thuis toont hij me een flinke stapel lege pizzadozen. We lachen. Vandaar dat hij zo graag een oven wilde. Ik blader wat in zijn boek over de Delftse methode. Eindelijk school, een gezond dagritme.

Ik vraag of hij inmiddels wat contacten heeft opgebouwd.

'Een man van zeventig, iets verderop, daar praat ik weleens mee, in het Nederlands want hij kan geen Engels'.

Deze man laat onbedoeld zien hoe het hoort. De handelsgeest die door ons bloed vaart, laat immers dappere Syrische pogingen Nederlands te spreken op Engelse zandbanken stranden.

Ik wijs naar De Nachtwacht boven de bank en maak dezelfde grap als toen we hem kochten:
'Met een Rembrandt in huis ben je al geïntegreerd!'

Gamil zet een dampende pizza voor ons neer. We proosten met pepermuntthee. Ik houd een resumé:
'Huis ingericht, televisie, internet, start met school, eigen tandarts, huisarts...'.

'Stap voor stap' zegt Gamil.

Op de voet gevolgd door een kijkje achter zijn gordijnen:

'Een oom in Zweden, een neef in Duitsland, vader, moeder en twee zussen in Syrië. Ik ben alleen.'

23 jaar en helemaal alleen in Nederland. We hadden al vele ontmoetingen, toch komt deze ontboezeming nu pas binnen.

Ik kijk naar De Nachtwacht en zucht even. Mompel zachtjes: 'Stap voor stap.'























































19-10-2016

Nachtwacht